Punten van de Leerwijze en van het Geloof dat eens aan de heiligen werd gegeven
1. Wij geloven in de gehele Heilige Bijbel en nemen aan dat deze het onfeilbare Woord van God bevat, geïnspireerd door de Heilige Geest. Het Woord van God is de enige en volmaakte leidraad van ons geloof en handelwijze en aan de Bijbel kan niets worden toegevoegd of afgedaan. Het is, ook, de kracht van God voor de redding van ieder die gelooft. (II Petrus, 1:21; II Timótheüs, 3:16;
Romeinen, 1:16)
2. Wij geloven dat er slechts één levende en ware God is, die eeuwig is en oneindige macht heeft; de Schepper van alle dingen, in wiens eenheid de Vader, de Zoon en de Heilige Geest zijn. (Éfeze, 4:6; Matthéüs, 28:19; I Johannes, 5:7)
3. Wij geloven dat Jezus Christus, de Zoon van God, het vleesgeworden Woord is, dat een menselijke gestalte heeft aangenomen in de baarmoeder van de maagd Maria, waardoor Hij, dientengevolge, twee naturen heeft, de goddelijke en de menselijke; daarom wordt Hij de ware God genoemd en ware mens en de enige Verlosser, omdat Hij is gestorven voor de zonde van alle mensen. (Lucas, 1:27,35; Johannes, 1:14; I Petrus, 3:18)
4. Wij geloven in het persoonlijk bestaan van de duivel en zijn engelen, boze geesten, die samen met Hem worden gestraft in het eeuwige vuur. (Matthéüs, 25:41)
5. Wij geloven dat de nieuwe geboorte en de regeneratie slechts kan worden ontvangen door het geloof in Jezus Christus, die door onze zonden is uitgeleverd en daarna is opgestaan om ons te rechtvaardigen. Wie in Jezus Christus is, is een nieuw schepsel. Door God is Jezus Christus, voor ons, wijsheid, rechtvaardigheid, heiliging en verlossing geworden. (Romeinen, 3:24-25;
I Korinthe, 1:30; II Korinthe, 5:17)
6. Wij geloven in de doop in het water, met één enkele onderdompeling, in de Naam van Jezus Christus (Handelingen, 2:38) en in de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest. (Matthéüs, 28:18-19)
7. Wij geloven in de doop van de Heilige Geest, met het tot uiting komen van nieuwe talen, zoals de Heilige Geest het geeft te spreken. (Handelingen, 2:4; 10:45-47; 19:6)
8. Wij geloven in het Heilig Avondmaal. Jezus Christus, op de avond dat Hij verraden werd, nam een brood, sprak de dankzegging uit, brak het en gaf het aan zijn discipelen, zeggende: “Dat is Mijn lichaam, dat voor u gegeven wordt; doe dat tot Mijn gedachtenis”. Evenzo de drinkbeker na het avondmaal, zeggende: “Deze drinkbeker is het Nieuwe Testament in Mijn bloed, hetwelk voor u gegoten wordt”. (Lucas, 22:19-20; I Korinthe, 11:24-25)
9. Wij geloven in de noodzaak om ons te onthouden van hetgeen dat aan afgoden geofferd is, van bloed, van het verstikte vlees en van hoererij, zoals de Heilige Geest heeft verklaard tijdens de Bijeenkomst te Jeruzalem. (Handelingen, 15:28-29; 16:4; 21:25)
10. Wij geloven dat Jezus Christus over Zich onze ziekten heeft genomen. “Is er iemand krank onder u? Dat hij tot zich roepe de ouderlingen der gemeente, en dat zij over hem bidden, hem zalvende met olie in de Naam des Heeren; En het gebed des geloofs zal den zieke behouden, en de Heere zal hem oprichten, en zo hij zonden gedaan zal hebben, het zal hem vergeven worden”. (Matthéüs, 8:17; Jakobus, 5:14-15)
11. Wij geloven dat de Here Zelf (voor het millennium) zal neerdalen vanuit de hemel met een geroep, met de stem des aartsengelen en met de bazuin Gods; en die in Christus gestorven zijn, zullen eerst opstaan. Daarna zullen wij, die levend overgebleven zijn, samen met hen opgenomen worden in de wolken, de Here tegemoet in de lucht; en zo zullen wij altijd met de Here zijn.
(I Thessalonicenzen, 4:16-17; Openbaring, 20:6)
12. Wij geloven dat er een lichamelijke opstanding zal zijn van de doden:
rechtvaardigen en onrechtvaardigen. Deze laatste zullen gaan naar de eeuwige pijn, maar de rechtvaardigen naar het eeuwige leven. (Handelingen, 24:15; Matthéüs, 25:46)
